Heup arthrose

Bij arthrose van de heup is er sprake van aantasting of beschadiging van het kraakbeen van het heupgewricht. Dit zorgt voor pijn en bewegingsbeperking. Naarmate het kraakbeen meer afslijt, kunnen de klachten toenemen. Wanneer het kraakbeen quasi volledig weg is, raakt het bot van het bekken het bot van de heupkop. Vaak wordt er dan gesproken van ‘bot op bot’.

De normale heup
 

Bij een gezonde heup is zowel de pan als de kop van het heupgewricht bedekt met een dun laagje kraakbeen. Dit kraakbeen werkt als schokdemper en zorgt ervoor dat het gewricht vlot en soepel kan bewegen

Arthrose

Bij arthrose is er dus een verlies van deze belangrijke kraakbeenlaag. Er zijn verschillende factoren die dit probleem kunnen veroorzaken. Vaak is de oorzaak een slijtageproces dat toeneemt met de leeftijd. Daarnaast kan ook een ongeval aan de basis liggen. Soms kan het bot net onder het kraakbeen afsterven (avasculaire necrose) waardoor later ook het kraakbeen beschadigd wordt. Sommige (niet alle) reumatische aandoeningen kunnen op termijn de heup aantasten. Andere mensen hebben een afwijkende heup van bij de geboorte, waardoor er sneller slijtage optreedt. Ook impingement van de heup kan aanleiding geven tot vroege arthrose. Obesitas en roken hebben een slechte invloed op het kraakbeen.
 

Het voornaamste symptoom van heuparthrose is pijn. Deze situeert zich vooral in de lies en aan de zijkant van de heup en kan uitstralen in het bovenbeen. Bij pijn in de bil en achteraan dient zeker ook aan uitstralingspijn vanuit de rug gedacht te worden. Naast pijn is er ook verminderde beweeglijkheid van de heup. In een vroeg stadium valt dit meestal niet op, maar naarmate het toeneemt, kan het moeilijk worden om op een fiets te stappen en zelfs om op een stoel te zitten. Ook manken komt regelmatig voor bij artrose van de heup.

Op de radiologische opnames (de foto’s) zien we een vernauwing van de gewrichtsspleet, botaanwassen (osteofyten), witter bot (sclerose) en vorming van cysten.

Behandeling

De behandeling van heuparthrose begint niet-operatief. Wanneer dit onvoldoende zou zijn, kan een heupprothese (kunstheup) overwogen worden. Er zijn verschillende mogelijkheden:

  • Gewichtsreductie 
  • In beweging blijven binnen de pijngrens, eventueel onder begeleiding van een kinesist.
  • Medicatie 
  • Pijnstillers, in de eerste plaats vooral paracetamol (Dafalgan, Algostase).
  • Ontstekingsremmers (NSAID) zoals Ibuprofen en Diclofenac onderdrukken de ontsteking die gepaard gaat met artrose. Deze kunnen echter slechts een korte periode genomen worden omdat ze bij langdurig gebruik aanleiding geven tot maagzweren, darmproblemen en een daling van de nierfunctie.
  • Kraakbeensupplementen zoals glucosamines (Donacom). De werking hiervan is omstreden, maar de laatste studies tonen aan dat er een positief effect is (maar gering).
  • Een heupinfiltratie (inspuiting) kan de klachten onder controle brengen. Er kan gekozen worden voor een gel-inspuiting (hyaluronzuur – Ostenil) of het inspuiten van een lage dosis cortisone. De infiltraties dienen in de operatiezaal te gebeuren met behulp van een RX-toestel (om zeker te zijn dat de naald op exact de juiste plaats zit). Het effect van de infiltraties op de pijn varieert sterk. De duur van beterschap varieert van enkele maanden tot jaren. 
  • Als de klachten te erg worden en bovenstaande maatregelen niet meer helpen, kan je overwegen om een heupprothese (kunstheup) te plaatsen. Hierbij wordt alle kraakbeen verwijderd en vervangen door metaal en kunststoffen. De resultaten zijn over het algemeen zeer goed. 

 

Als u nog vragen heeft, kunt u die stellen aan Dr. Dujardin of Dr. De Neve tijdens de raadpleging. U kunt een afspraak maken via het secretariaat orthopedie op het telefoonnummer 051/334 700.
 

Afspraak maken